Plattegrond omgeving Ravenstein met daaronder verdere informatie over de dorpskernen

30.2 Miriam den Hartog DiedenDieden

Historie

Heel lang geleden was Dieden een eigen heerlijkheid die behoorde tot het Land van Maas en Waal in de provincie Gelderland. Dieden was tot 1810 een zelfstandige gemeente. Als in 1810 Koninkrijk Holland wordt geannexeerd, wordt in opdracht van Napoleon Bonaparte Dieden samengevoegd met de gemeente Demen en Langel, waarna de gemeente Dieden, Demen en Langel ontstond. Dieden was de hoofdplaats van deze gemeente. In 1923 is deze gemeente opgegaan in de gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden

Schutskooi, kruispunt Voor-/Achter-/Poelstraat Een schutskooi deed in vroeger tijden dienst om vee dat uit een weiland was ontsnapt tijdelijk te stallen. Na het betalen van een vergoeding aan de beheerder van de kooi, kon de eigenaar zijn uitgebroken dieren weer afhalen. De schutskooi in Dieden is een rijksmonument dat in zijn huidige vorm dateert uit omstreeks 1915.
Stellingmolen Stella Polaris, Maasdijk 76 De molen dateert uit 1865, maar kwam pas een jaar later in bedrijf. De molen werd vroeger gebruikt voor het malen van graan. De molen is eerder bewoond geweest, maar door het vocht hielden de bewoners het niet lang vol. Hierdoor raakte de molen in verval, waardoor restauratie in de jaren tachtig van de 20e eeuw noodzakelijk was. De molen is hierbij ontdaan van de maalinrichting, met uitzondering van de bovenschijf en het spoorwiel. De molen is thans in gebruik als woning. De boerderij gelegen aan Voorstraat 2 is het voormalige molenhuis.
St. Laurentiuskerk, Maasdijk 79 De Diedense kerk uit de 11e-12e eeuw was toegewijd aan St. Laurentius. De toren telt drie geledingen: de onderste twee met blokverband op de hoeken en een sobere versiering met spaarvelden, de bovenste is van baksteen met gekoppelde galmgaten in rondboognissen. De laatste restauratie van de kerk heeft plaatsgevonden in 2008. De kerk is al lang niet meer liturgisch in gebruik en is thans eigendom van Monumenten Fonds Brabant.
Rentmeesterij, Maasdijk 80/80a Dieden bezat ten westen van het dorp, in een bocht van de Maasdijk, een kasteel dat rond 1876 is gesloopt. De grachten, het bruggenhoofd, een veeschuur en een gedeelte van het koetshuis zijn er nog de overblijfselen van. Vanaf het nu nog zichtbare bruggenhoofd liep een laan naar het eerste huis van het dorp aan de dijk. Dat huis staat bekend als de rentmeesterij uit de 18e eeuw.
Kleiputten, hoek Galgenstraat/Elzenbos In de vijvers (kleiputten) op de hoek Galgenstraat-Elzenbos in Dieden mag gevist worden met een vergunning van Ons Genoegen.Ook een landelijke visakte is verplicht.

 

Plaatsnaam De oudere vormen van Dieden waren Dichden, Diechden, Diegden en Dieten. Het element ‘Dich’ is hetzelfde als ‘dic’ ofwel dijk. Het element ‘den’ betekent “een bewoonde plaats”. Dieden betekent dus een bewoonde plaats aan de dijk.

 

29.1 Carel de Wit  DemenDemen

Historie

Tot 1810 behoorde het tot de gemeente Demen en Langel. In 1810 is die gemeente met Dieden gefuseerd tot de gemeente Dieden, Demen en Langel. In 1923 is de gemeente Dieden, Demen en Langel opgegaan in de gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
Rustieke boerderij, Burg. Canersstraat 2 Half verscholen achter de groene linden ligt een agrarisch bedrijf van de familie Nass. Deze boerderij uit 1745 bezit nog zijn oorspronkelijke kozijnen en beglazing (met 25 ruitjes in de ramen van de voorgevel). Die ruitjes zijn groen en gebobbeld van ouderdom. Opvallend zijn ook de raampjes op de verdieping. Omdat glas in die tijd nog erg duur was, werden er in plaats daarvan luikjes voor de ramen geplaatst die konden worden geopend om licht door te laten.
St. Willibrorduskerk, Maasdijk 69 De kerk naast de dijk stamt uit de 19e eeuw en is ontworpen door de beroemde architect Kuijpers, die o.a. ook het Rijksmuseum en het Centraal Station in Amsterdam heeft ontworpen. De kerk is uniek omdat het de eerste neogotische kerk is in de wijde omgeving. De toren is ouder dan de kerk. Deze hoorde bij de oorspronkelijke kerk die op deze plaats stond. De inrichting van de kerk is prachtig. Er zijn nog heel veel authentieke elementen bewaard gebleven van de oorspronkelijke inrichting. Vrijwel het hele interieur is afkomstig uit het 19e eeuwse kerkatelier van Kuijpers uit Roermond. Prachtig is ook de reliekhouder van de naamgever van de kerk St. Willibrord. Deze staat in een speciaal daarvoor door Kuijpers ontworpen kast bij het hoofdaltaar. De monumentale muur rond de kerk is in zijn oorspronkelijke staat hersteld, waardoor de kerk weer dezelfde aanblik biedt als op het moment dat hij gebouwd werd.
Karnhuisje, St. Wilbertstraat 3 Een opvallend gebouwtje in Demen is het karnhuisje tegenover de Willibrorduskerk. Het heeft een achtkantige vorm en dateert al van voor 1826. In 1988 is het op initiatief van de Heemkundekring Land van Ravenstein geheel gerestaureerd. Lees het ANWB bord voor nadere informatie.

 

Plaatsnaam Demen dankt zijn naam aan het riviertje ‘Demen’, dat in de Peel ontsprong en noordwaarts langs Zeeland, Herpen, Deursen en Dennenburg stroomde. Bij Demen mondde het riviertje uit in de Maas.

 

11.1 Frans Kil NeerlangelNeerlangel

Historie

Langel was een heerlijkheid in het Land van Herpen. Vanaf 1700 maakte het dorp deel uit van de gemeente Demen en Langel. In 1810 is de gemeente Dieden er bij gekomen. De nieuwe gemeente was Dieden, Demen en Langel. In 1923 is deze gemeente opgegaan in de gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
St. Jan de Doperkerk, St. Jansstraat 2 Het is een van oorsprong Romaans zaalkerkje uit de 10e-11e eeuw. In 1869 is op de oude fundamenten het huidige neogotische kerkje gebouwd. De oorspronkelijke tufstenen toren is blijven staan, het is het oudste ongerestaureerde Romaanse bouwwerk van Noord-Brabant. De kerk wordt nu slechts eenmaal per jaar gebruikt, namelijk op 24 juni tijdens de St. Jansfeesten. Een belangrijke rol bij die feesten speelt het gilde van St. Jan. Het gilde gaat zeker terug tot vóór 1710, maar helaas is het archief verloren gegaan, waardoor er over het oude gilde bijna niets bekend is. Uniek bij dit broederschap is dat zij hun koning kiezen! Het kerkje is het gehele jaar open voor bezoekers.

 

Plaatsnaam De naam Langel is afgeleid van lang en lo(o), dat bos betekent. We hebben het dus oorspronkelijk over een ‘langgerekt bos’. Het strekte zich uit tot voorbij Overlangel. In 1191 was Albertus de Langel heer van Langel. Toen het kasteel van Ravenstein gebouwd werd betekende dit dat Ravenstein Langel opsplitste in twee gedeelten. De latere toevoegingen ‘over-’ en ‘neer-’ zijn bedoeld om respectievelijk de nederzettingen stroomopwaarts en stroomafwaarts van elkaar te onderscheiden.

 

25.2 Bert Vossenberg DennenburgDennenburg

Historie

Tot 1700 was Dennenburg zelfstandig. In 1700 werd het samengevoegd met Deursen en ontstond de gemeente Deursen en Dennenburg. In 1923 is deze gemeente opgegaan in de gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
St. Michaëlskerk, Hoogstraat 36 Een interessant voorbeeld van een kerk die zowel uit romaanse als gotische delen bestaat. Het oudste gedeelte is het vroeg romaanse 12e eeuwse schip. De toren dateert uit de 13e eeuw en is in de vroege 16e eeuw ommanteld en verhoogd en wordt bekroond door een laag tentdak. De kerk is in de loop der eeuwen diverse malen verbouwd, waarbij gotische delen zijn aangebracht. In 1958 is de kerk gerestaureerd. De noordzijde is weer in de oude romaanse toestand hersteld. De zuidzijde, in 1850 met baksteen ommanteld, behield de grote gotische ramen met de gepleisterde dagkanten. De oorspronkelijke inrichting is er ooit uit gesloopt en overgebracht naar het kerkje van Bokhoven. De kerk is jaren in gebruik geweest als pottenbakkerij. In 2008 heeft een nieuwe restauratie plaats-gevonden.

 

Plaatsnaam Over de naam Dennenburg (ook wel als Dennenborg of Derenborch gespeld) is wel de theorie geopperd dat deze naam zou komen van de ‘den’ als boom. Dennenburg zou dan de betekenis hebben van “woonplaats tussen de bomen”. Gezien de vroegste vorm van deze plaatsnaam, namelijk Derenburhc (vermeld rond 1225), is dat echter niet erg waarschijnlijk. De naamkundige Gysseling legde op basis van die oudste vorm een verband met het Germaanse woord “darnja”, dat heimelijk, verborgen,geheimzinnig betekent. Dennenburg zou dan ook zoiets moeten betekenen als “geheimzinnige, verborgen woonplaats”.

kapelletje Deursen

kapelletje Deursen

Deursen

Historie

Deursen is waarschijnlijk al heel vroeg bewoond geweest. Bij archeologische opgravingen zijn er urnen gevonden die uit de Romeinse tijd stammen. Opvallend is het grote aantal militaire voorwerpen die als grafgift zijn meegegeven. Naast die urnen zijn er ook scherven uit de eerste en de derde eeuw opgegraven. Deursen lag in het Land van Ravenstein, dat niet onder Staats-Brabant viel, maar toebehoorde aan de keurvorst van de Paltz. Tot 1700 was Deursen zelfstandig, toen het met Dennenburg werd samengevoegd werd en de gemeente Deursen en Dennenburg ging vormen. In 1923 is de gemeente opgegaan in de gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
Klooster Soeterbeeck, Elleboogstraat 2 Het klooster Soeterbeeck werd eeuwenlang bewoond door de zusters Augustinessen. De oudste vleugel dateert van 1733. In 1906 is een neogotische kapel aangebouwd. Deze is zestig jaar later gemoderniseerd. In 1954 is het klooster uitgebreid met een wasserij, opgetrokken in lichte, functionele stijl. In 1997 hebben de zusters het klooster verlaten. Het is compleet met inboedel, overgedragen aan de Radboud Universiteit Nijmegen. In de inventaris bevinden zich kunstschatten die ouder zijn dan het gebouw zelf. De vertrekken, waaronder de cellen op de eerste verdieping, zijn grotendeels in de originele staat behouden.
St. Vincentiuskerk, Laagstraat 16 De middeleeuwse kerk die hier stond werd in 1877 vervangen door dit gebouw. De eenbeukige neogotische kerk wordt gekenmerkt door een zeer merkwaardige toren. Hoewel het interieur van de kerk in de jaren zestig versoberd is, zijn er binnen nog veel kostbare oudheden bewaard gebleven. De zuidzijde van de kerk is nog onlangs geheel gerestaureerd. Hoewel te Deursen al vanaf 1535 pastoors bekend zijn, is van de historie van de kerk weinig overgebleven.
St. Rochuskapel en St. Antonies-huiske, Rondestraat 26 In 1747 is de achthoekige kapel van St. Rochus gebouwd. St. Rochus werd aangeroepen om tegen de pest te beschermen. In augustus is het St. Rochusdag. Vroeger kwam men dan van heinde en verre op bedevaart. Boven de deur van de kapel staat dan ook: ‘degenen die geslagen zullen zijn door de pest en den bijstand van Rochus zullen aanroepen zullen gezondheid verwerven’. Tegenwoordig is de kapel regelmatig opengesteld voor publiek. Vóór de St. Rochuskapel staat het St. Anthonies-huiske. Antonius Abt (met het varken) is net als de H. Rochus een pestheilige: ook Antonius bood bescherming tegen de besmettelijke varkenspest. Het heilige huisje is in 1636 gebouwd naar aanleiding van de pestepidemie die toen woedde.

 

Plaatsnaam De naam Deursen, die in oudere bronnen voorkomt als Dorne, Doirne, Doerne, Deurne en Doren (en pas in de zeventiende eeuw als Dorsen) gaat op dezelfde stam terug als de plaatsnaam Deurne, met de betekenis van “doornen”. Misschien dat hier een relatie gelegd mag worden met de Maasheggen die uit meidoorns bestaan?

 

04.1 Riet Koel HuisselingHuisseling

Historie

Huisseling wordt al in 815 genoemd. In 1621 werd Ravensteintot vesting verheven en moesten verdedigingswerken worden aangelegd. Om ruimte te maken voor het schootsveld van de kanonnen moesten de kerk en 29 huizen in Huisseling wijken. In 1626 werd een nieuwe kerk gebouwd, de H. Lambertuskerk. In 1852 is de kerk verbouwd en tevens vergroot. In 1906 echter moest de kerk weer worden afgebroken. In Huisseling is jaren een ‘Theologische Hogeschool’ gevestigd geweest. Het was eigenlijk een soort seminarie dat van 1799 tot 1824 door pastoor Ruijs werd gerund. Vermeldenswaardig is nog dat in Huisseling de oprichting van de Onderlinge Brandassurantie van de NCB (later Interpolis) heeft plaatsgevonden. Burgemeester Van der Wiel was de eerste directeur. Hij hield kantoor in zijn burgemeesterswoning annex secretarie aan de Grotestraat. Huisseling heeft een eigen gilde: het Sint Lambertusgilde dat al dateert van voor 1500. Huisseling maakte tot 1923 deel uit van de gemeente Huisseling en Neerloon. In 1923 is de gemeente samen met de gemeentes Deursen en Dennenburg en Dieden, Demen en Langel geannexeerd door de gemeente Ravenstein. Met ingang van 1 januari 2003 is de gemeente Ravenstein samengevoegd met Oss.

 

Bezienswaardigheden
St. Lambertuskerk en knekelhuisje, Hamstraat 1 Deze kerk – een driebeukige neogotische pseudo-basiliek – kwam in 1911 gereed. In de kerk is een doopvont uit de 15e eeuw en een houten Sint Eligiusbeeld uit de 16e eeuw aanwezig. Naast het kerkplein staat een knekelhuisje uit 1869. Het huisje werd gebruikt om botten en doodsgraversgerei in op te bergen. Vaag zijn nog de contouren van een schildering van Jeruzalem te zien. Het gebeeldhouwde front van engeltjes en doodskopjes dateert uit de 17e eeuw.
Natuurontwikkelingsgebied Lange Del, Burgemeester v.d. Wielstraat Het natuurontwikkelingsgebied Lange Del is een onderdeel van een historische Maasmeander. Deze Maasmeander moet men in de vroege middeleeuwen plaatsen. De Lange Del was oorspronkelijk de weg van Huuselingh naar Ravensteijn. De Grotestraat was in die tijd een dijkje dat door het natte gebied liep. In het gebied is ook het vroegere kerkenpad hersteld, waardoor er een mooie wandelroute is ontstaan

 

Plaatsnaam De ‘ingen-namen’ stammen uit de vroege middeleeuwen. De naam wordt wel uitgelegd als (woon)plaats van de verwanten of dienaren van de persoon Huso of Husino. Moderne onderzoekers zijn geneigd om meer uit te gaan van de geografische gesteldheid van de woonplek, maar wat Huisseling dan eventueel zou moeten betekenen, is onbekend

15.1 Joop Janssens NeerloonNeerloon

Historie

De Maas kronkelde door het landschap en had vele bochten. Tussen 800 en 1200 was het dorp omgeven door het water en was Neerloon dus een eiland. De Maas heeft in de geschiedenis van Neerloon een prominente positie ingenomen. Niet verwonderlijk, de rivier stroomt pal naast de deur. Neerloon is één van de drie plaatsen in Noord-Brabant waar vroeger een doorwaadbare plaats in de rivier lag. De Romeinen maakten al gebruik van deze doorloopbare plaats, wat ook wel statio wordt genoemd. De Romeinen waren toen op weg naar wat nu Nijmegen is. Zij ‘staayden’ naar de overkant van de Maas. De Staaystraat herinnert nog aan dit feit. In de late middeleeuwen vormde Neerloon een Land van Cuijkse enclave in het Land van Ravenstein. In 1811 is Neerloon met Huisseling samen tot één gemeente gevormd. In 1923 is de gemeente Huisseling en Neerloon geannexeerd door Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
St. Victorkerk, Maasdijk 19 De kerk van St. Victor in Neerloon wordt al voor het eerst genoemd in 1405 als quarta capella. Dat wil zeggen dat het om een echt klein kerkje ging. Het onderste gedeelte van de toren is nog uit tufsteen opgetrokken. Het is het restant van de middeleeuwse toren die nu de onderbouw van de huidige toren vormt. Doordat de kerk bij de overstroming van 1820 onherstelbaar beschadigd was, zijn schip en koor in 1821 herbouwd. In de kerk staat een Smits-orgel uit 1848 met nog alle originele pijpen.

 

Plaatsnaam Neerloon wordt vanouds, ook op oude kaarten, als Loon aangeduid. Loon is een vorm van “loo” dat bos betekent. Die plaatsnaam komt (net als bossen) vaker voor, ook in de directe omgeving. De behoefte om onderscheid te maken was er dus al vroeg. (Neer)Loon wordt dan soms ook als “Loon op de Maas” aangeduid (het Loon dat nu Overloon heet, ligt niet aan de Maas). Maar ook de ligging ten opzichte van elkaar in relatie tot de Maas werd gebruikt en is uiteindelijk de officiële benaming geworden: Overloon ligt stroomopwaarts en Neerloon stroomafwaarts.

 

Keent

Historie

De oudste vermelding van Keent dateert uit 1282. Vanaf de 15e eeuw stond er een kapel in Keent, de Sint-Antoniuskapel. In de 19e eeuw verviel deze tot een ruïne; in de Tweede Wereldoorlog werden de restanten gebruikt om het vliegveld te verharden. Het plaatsje heeft een Gelders verleden: tot 1958 behoorde het tot de Gelderse gemeente Balgoij die in dat jaar opging in Overasselt. Keent kwam toen in Noord-Brabant te liggen. De Maas liep oorspronkelijk zuidelijk van het dorpje en vormde ook toen de grensrivier. Vanwege het over-stromingsgevaar, en in het bijzonder naar aanleiding van een overstroming in 1925, werd de ‘Meander van Keent’ in 1938 afgesneden en kwam Keent op de linkeroever van de gekanaliseerde rivier te liggen. De verbinding met Balgoij is sindsdien verbroken. Na de Maaskanalisatie was het nog niet afgelopen met de wateroverlast. Bij veel regenval en hoge waterstanden liep de oude Maasarm onder water en werd Keent afgesneden van het vaste land. Het vervoer van en naar Keent werd in die tijd verzorgd met vrachtwagens en/of pontjes. Een enkele keer werd het leger ingeschakeld om de verbinding open te houden.

Een bijzonder stukje geschiedenis van Keent is het vliegveld. Al vanaf 1928 werd het gebruikt door vliegtuigen van de marine en de landmacht. In 1933 was de lengte 600 meter, in de oorlog werd die verdubbeld. Het vliegveld Keent speelde in 1944 een rol bij Operation Market Garden.Aan deze periode is ter herinnering een monument geplaatst. Keent maakte deel uit van de voormalige gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
Natuurontwikkelingsgebied Keent In 2007 is gestart met een natuurontwikkelingsproject, waarbij als eerste een nieuwe brug is aangelegd, die in november 2008 is geopend. Het uitgraven van de oude maasarm en de natuurontwikkeling rond Keent met verschillende recreatiemogelijkheden zijn de volgende stappen in het project. Uitgraving van de oude Maasarm bij Keent zorgt voor waterstandsverlaging op de Maas. Dit vergroot de veiligheid voor bewoners achter de dijken. Er ontstaat 400 hectare natte natuur en een prettige omgeving om te wonen en te recreëren.

 

Plaatsnaam De naam Keent houdt verband met het Germaanse woord ‘kene’ of ‘kine’ dat spleet, barst, smal water, kreek betekent. De eind-t kom je vaak in plaatsnamen tegen, omdat dat elementje ‘plaats’ betekent

Overlangel

Historie

Recente opgravingen tonen aan dat Overlangel mogelijk al in de ijzertijd bewoond werd. Overlangel maakte vroeger deel uit van de Heerlijkheid Langel in het Land van Herpen. Het had vroeger een haven, waar veel handel werd gedreven. Ook was er een scheepswerf te vinden. Al snel kwamen er cafés en winkeltjes. Op deze manier ontstond het dorp Overlangel. Nadat de schepen werden vervangen door stoomboten, werd Overlangel niet vaak meer aangedaan. Hierdoor werd de handel minder en kwam er armoede in het dorp. De kanalisatie van de Maas was de doodsteek voor het dorp. Overlangel maakt sinds 1811 deel uit van de gemeente Herpen. Laatstgenoemde gemeente is in 1941 opgeheven en gevoegd bij de gemeente Ravenstein. In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss.

 

Bezienswaardigheden
St. Antonius Abtkerk, Kerkstraat 20 Rond 1500 is er onder de parochie Herpen sprake van een Antoniuskapel in Overlangel. Deze oude kapel heeft in 1814 plaats moeten maken voor een nieuwe. Veertig jaar later, op 11 september 1854, vierde Overlangel de afscheiding van de parochie Herpen. Vijf dagen eerder was namelijk de nieuwe kerk ingewijd. Deze nieuwe parochiekerk kon mede gebouwd worden dankzij een grote gift van de rijke familie De Bruijn. De kerk heeft een heel bijzondere gietijzeren en opengewerkte torenspits. Een zeilschip bekroont deze spits.

 

Plaatsnaam Overlangel is afgeleid van lang en lo(o), dat bos betekent. We hebben het dus oorspronkelijk over een ‘langgerekt bos’. De toevoeging ‘over’ en ‘neer’ is om respectievelijk de nederzettingen stroomopwaarts en stroomafwaarts van Ravenstein van elkaar te onderscheiden.

 

25.3 Bert Vossenberg HerpenHerpen

Historie
Het is vrijwel zeker dat er al in de bronstijd (2000-800 v. Chr.) sprake was van bewoning op de zandgronden van Herpen. Er zijn namelijk zeer interessante archeologische vondsten in Herpen gedaan. Men heeft hier een groot aantal sporen uit deze tijd ontdekt plus vier bootvormige boerderijplattegronden uit de 11e en 12e eeuw. Herpen is rond die tijd in bezit van de heren van Cuijk.
In 1191 draagt de heer van Cuijk zijn vrije eigendom van Herpen op aan de hertog van Brabant en krijgt dat vervolgens in leen terug. Dat was in deze tijd van machtsontplooiing door de Brabantse hertogen een niet ongebruikelijke gang van zaken. Vijf jaar later, in 1196, is er sprake van een castrum Herpen, dat zou wijzen op een kasteel in of bij Herpen. In de 14e eeuw neemt het geslacht Van Valkenburg het gezag over Herpen over. Als gevolg daarvan verplaatst het zwaartepunt van de macht zich naar Ravenstein: Land van Herpen wordt Land van Ravenstein. Symbolisch voor die overgang is de afbraak van het kasteel in 1360 door Walraven van Valkenburg. Hij herbouwt zijn ‘Ravensteen’ aan de Maas. Mogelijk houdt deze verhuizing verband met een verandering in de loop van de Maas. Het enige wat ter plekke nog herinnert aan het oude Herpense kasteel is de Aldesteynstraat (= het oude steen). Tot 1941 vormde Herpen samen met het dorpje Overlangel en het gehucht Koolwijk de voormalige gemeente Herpen. In 1941 werd deze gemeente aan de voormalige gemeente Ravenstein toegevoegd. De gemeente Ravenstein is in 2003 opgegaan in de gemeente Oss.
Bezienswaardigheden
Hertogswetering, tussen Hertog-/Wooijstraat De Hertogswetering is in het begin van de 14e eeuw gegraven in een oude droge bedding van de Beersche Maas. De Beersche Maas heeft tot 1942 gediend als gecontroleerde overloopzone bij hoogwater van de Maas. De Hertogswetering dient thans voor de ontwatering van het gebied tussen Herpen en ’s-Hertogenbosch. Het water uit de komgebieden wordt naar de Hertogswetering geleid om uiteindelijk bij Gewande in de Maas uit te monden.
Hamelspoel/Putwielen, Hamelspoelweg Het natuurgebied Hamspoel/Hamelspoel maakt deel uit van de toekomstige ecologische verbindingszone Erfdijk en Munsche wetering. De Hamelspoel (ook wel Putwielen genoemd) was ooit een Maasbedding en is nu onderdeel van de Hertogswetering. Oorspronkelijk had het gebied een open karakter en bestond voornamelijk uit grasland, maar door veranderend landgebruik heeft zich de laatste 20 jaar rondom de waterpartijen een hoogopgaande begroeiing ontwikkeld van inlandse eik, berk, els wilg en exoten als Amerikaanse eik en Amerikaanse vogelkers. Uit ecologisch oogpunt is een gelaagde vegetatie in beplanting met inheemse struiken en bomen en ruimte voor kruidengroei met goed ontwikkelde oever-vegetaties wenselijk.
Erfdijk met wielen, Erfdijk De eerste vermelding van de Erfdijk bij Herpen dateert uit 1332. Dat jaar vond de verdeling plaats van de gemeenschappelijke gronden van Herpen. Een ieder die een erf toegewezen kreeg, moest ook een gedeelte van de bijbehorende dijk onderhouden. Vandaar dus de naam Erfdijk. Dat was toen vermoedelijk nog een Maasdijk. Toen na 1500 de Beersche Maas ging stromen, fungeerde de Erfdijk als dwarsdijk. Enkele wielen, nu prachtig met welig groen omzoomde waterpartijen, verwijzen nog naar oude doorbraken. In 2009 is gestart met een nieuw project, dat in 2012 is voltooid. Bij de inrichting van het gebied rondom de Erfdijk en de Munsche Wetering als ecologische verbindingszone is het beheer van de vegetatie een belangrijk aspect. Ook de oevers van het grootste wiel ‘Het Lindenwiel’ zijn heringericht.
St. Sebastianuskerk, Rogstraat 2 De parochiekerk van Herpen, toegewijd aan de H. Sebastiaan en de H. Hubertus, stamt uit het begin van de 16e eeuw. In 1907 werd het middenschip van de kerk verbouwd tot een neogotisch, driebeukig schip. Het dak kreeg dezelfde hoogte als het oorspronkelijke koor. Ook uit 1907 stammen de sacristie aan de zuidzijde van de kerk, de Mariakapel en de doopkapel aan weers-zijden van de toren, net als de bidkapel aan de noordzijde van de kerk. Tijdens deze restauratie- en uitbreidingswerkzaamheden werd op de koorgewelven een aantal schilderingen ontdekt. Dit soort schilderingen is uiterst zeldzaam. Ze zijn vermoedelijk in opdracht van Philips van Kleef-Ravenstein (1492-1528) vervaardigd. De doopvont is nog veel ouder, vermoedelijk uit de 12e eeuw.
Heiligenhuisje, hoek Aalstvoortse-/Rogstraat
Aan de Rogstraat staat een heiligenhuisje dat gewijd is aan St. Sebastianus. Het dateert van voor 1750. St. Sebastianus is de beschermheilige tegen de pest, een vreselijke ziekte die in het verleden ook in Herpen dood en verderf heeft gezaaid. Het is waarschijnlijk om deze reden dat het huisje bij de toegang van het dorp is gebouwd, als een soort poortwachter om de gevreesde ziekte buiten de deur te houden. Het huisje is in 1939 gerestaureerd. In 1994 is het tijdens de reconstructie van de dorpskern enkele meters verplaatst. In 2001 heeft de stichting ‘Herpen in Woord en Beeld’ het huisje opnieuw gerestaureerd.
Herperduin, Herpen Herperduin is een prachtig natuurgebied dat een goed beeld geeft van het natuurschoon dat Noord-Brabant bezit: naald- en loofhout, heide, heuvels met zandverstuivingen, vennen en recreatieplassen.
Plaatsnaam De naam Herpen is waarschijnlijk afgeleid van het Germaanse “harpa” dat scherpe kromming betekent. Die naamgeving heeft ongetwijfeld te maken met de Maasmeander die hier vroeger heeft gelopen. De Hamelspoel is daarvan nog het zichtbare restant. Herpen mogen we dan vertalen als ‘plaats in de bocht van de rivier’.

24.1 Kitty Vossenberg  KoolwijkKoolwijk

Historie
Het gehucht Koolwijk maakte voor de samenvoeging met Ravenstein in 1941 onderdeel uit van de gemeente Herpen.
In 2003 is de gemeente Ravenstein opgegaan in de gemeente Oss. Koolwijk ligt aan natuurgebied ‘Herperduin’ en wordt verdeeld in de Grote- en Kleine Koolwijk.
Bezienswaardigheden
St. Annakapel, Koolwijksestraat 5
De St. Annakapel in Koolwijk stamt uit de 15e eeuw. Zij wordt in 1485 vermeld als onderdeel van de parochie Herpen. Na 1629, toen in de Meierij het katholicisme verboden was, kreeg de kapel de functie van ‘grenskapel’, waar de katholieken uit Berghem en Oss ter kerke gingen.
Dat is zo gebleven tot aan de Franse Tijd. De kapel in zijn huidige vorm dateert van 1936.
De St. Annakapel is eeuwenlang een populair bedevaartsoord geweest. De H. Anna was de moeder van Maria. In de kapel staat een bijzonder beeld van St. Anna, Maria en het kindje Jezus. Zo’n groep wordt vaak aangeduid als ‘Anna-te-drieën’. Het beeld dateert uit 1500 en is van onschatbare waarde. In juli worden St. Annafeesten georganiseerd. Wanneer 26 juli op een zondag valt, is dat de feestdag en anders de eerste zondag daarna. Vooral de Heilige Mis in de buitenlucht wordt door velen bijgewoond.
Plaatsnaam
De naam Koolwijk is een zogenaamde waternaam. Waarschijnlijk komt het van een ‘koele heldere beek’ die vroeger vanaf de Peel naar het stroomgebied van de Beerse Maas liep. Vandaar ook de naam ‘Coelbeeck’. Later is het Coolwyc, Koolwijk of zoals in deze streek ‘De Kôllik’, genoemd.